De Nederlandse Mededingingsautoriteit ondervraagt 100 webwinkeliers om uit te vinden of leveranciers op prijs discrimineren tussen fysieke winkels en webwinkels.
Daarmee reageert de mededingingsautoriteit op klachten van webwinkeliers en de Nederlandse Thuiswinkelorganisatie die stellen dat ze door importeurs en fabrikanten worden gedwongen bepaalde verkoopprijzen te hanteren. Hierdoor is de consument duurder uit.
De NMa verstuurde 100 enquêtes naar online verkopers van horloges en witgoed. Wie niet benaderd is, maar wel aan het onderzoek deel wil nemen kan zich melden bij de NMa.
De inventarisatie vloeit voort uit een klacht van Thuiswinkel.org in januari van dit jaar. De brancheorganisatie stelde toen dat zeker 75 aangesloten webwinkels te maken hebben met pogingen van importeurs om de prijs te beïnvloeden. Vijftig winkels spreken van regelrechte dwang om adviesprijzen te hanteren.
In juni bleek dat webwinkeliers zich niet en masse meldden bij de overheid. Een van de redenen daarvoor was dat ondernemers zich niet anoniem kunnen melden. Het gevolg daarvan kan zijn, zo vrezen ze, dat de leverancier de contracten verscherpen of beëindigen.
Een woordvoerster van de NMa zegt: “We ontvingen uiteindelijk te weinig concrete melden en hebben dus niets om mee aan de slag te gaan. Daarom benaderen we nu zelf actief partijen die we relevant achten.”
De ontvangen reacties worden gebruikt om een visiedocument op te stellen. Daarin geeft de NMa weer hoe het aankijkt tegen prijsdiscriminatie tussen verkoopkanalen en wat ze beschouwt als overtredingen.